Terug naar overzicht
Media

Zorg blijven bieden, ondanks de beperkingen van de coronamaatregelen: die uitdaging gingen de zorgboeren die zijn aangesloten bij Zorgboeren Zuid-Holland in het afgelopen jaar met succes aan. Voor het overgrote deel kon de zorg voor kinderen, volwassenen en ouderen gewoon doorgang vinden. Paulien van Pelt, directeur-bestuurder van Stichting Zorgboeren Zuid-Holland, is dan ook trots op ‘haar’ zorgboeren. “Juist in deze crisissituatie hebben zij laten zien hoe groot hun inzet voor hun cliënten is.”

Net als heel Nederland kreeg ook Stichting Zorgboeren Zuid-Holland te maken met de strenge coronamaatregelen. Na een aantal weken in volledige lockdown te zijn geweest, gingen in de loop van april en mei stapsgewijs de zorgboerderijen weer open. “Daarbij is continu de afweging gemaakt tussen het belang van de lichamelijke gezondheid, omdat je wil dat zowel de zorgboeren als de cliënten niet ziek worden, en de psychische gezondheid. Maar we hebben de cliënt en de zorgvraag steeds voorop laten staan.”

Het wegvallen van zorg kan voor de doelgroep van de stichting een forse klap zijn. “Onze ervaring was dat dat wel één of twee weken kan, maar dat je daarna tegen grenzen aanloopt. Kinderen hebben bijvoorbeeld de structuur en de sociale contacten heel erg nodig en de partner van een dementerende oudere kan niet zonder de momenten dat hij of zij niet hoeft te zorgen. Zonder de zorgboerderijen raken gezinnen ontwricht of kunnen er gevaarlijke situaties ontstaan. Juist door de coronacrisis merkten we hoe belangrijk ons werk en hoe groot onze verantwoordelijkheid is.”

Betrokkenheid

Wat haar als directeur van Zorgboeren Zuid-Holland goed deed, was de betrokkenheid van de zorgboeren. “Die was echt enorm. Ze liepen tien stappen harder om ondanks alle beperkingen toch zorg te kunnen blijven leveren. Onderling werd samengewerkt om informatie uit te wisselen en problemen op te lossen. Daar ben ik heel trots op. Alzheimer Nederland gaf in een rapportage aan dat de zorgboeren in vergelijking met andere instellingen duidelijk stappen extra hebben gezet om toch zorg te kunnen leveren.”

Ze vervolgt: “Het was voor onze zorgboeren wel een stuk intensiever. Zeker bij de volwassen cliënten, waar anderhalve meter aangehouden moest worden. Dat is bij bijvoorbeeld mensen met dementie heel lastig uit te leggen en te handhaven. Daarom werd er onder meer in kleinere groepen of op gescheiden locaties gewerkt.”

Goede samenwerking

Voor de stichting zelf was in de eerste periode met name het garanderen van de geldstromen een belangrijke maatregel. “Dat is in zeer goede samenwerking met de gemeente gedaan. Wij hebben tegen de zorgboeren gezegd: wij zorgen ervoor dat het met de financiën goedkomt, zodat jullie je voor honderd procent op de zorg kunnen richten. Uiteindelijk zijn het ook ondernemers. Daar lopen we nu wel tegenaan. Er zijn heel veel afmeldingen omdat cliënten met een lichte verkoudheid al thuisblijven. Dat moet natuurlijk, maar geen zorg verlenen betekent in veel gevallen meteen ook geen inkomsten. En er is nu geen regeling meer om die weggevallen inkomsten op te vangen. Dat is in de komende maanden voor ons nog wel een uitdaging.”

(Door Geurt Mouthaan, Kontakt MediaPartners)